Klein Hooglied (Karel Eykman)

Wie had dat ooit gedacht
dat het mij zou overkomen?
Had jij van mij verwacht
dat ik vanzelf zo zacht
bij jou ben terechtgekomen?
Wij zou dat ooit gedacht.

Is dat nou iets voor mij?
Ik ben opeens veranderd
zou duizelig en blij
met iemand zoals jij
met jou en niemand anders.
Is dat nou iets voor mij?

Je merkt het aan elkaar
maar durft het niet te hopen.
Ik voelde me al zo raar
toen jij naast me kwam lopen.
Je merkt het aan elkaar.

Zo kende ik mij nog niet
ik ging mezelf herkennen.
Zo mooi als jij me ziet
toen ik me zoenen liet
dat is wel even wennen.
Zo kende ik mij nog niet.

Jij naast me in het gras
ik leunend in je armen
zoals dat ‘s middags was
je gelooft het later pas.
Jij was zo hartverwarmend
jij naast me in het gras.

Je merkt het aan elkaar
maar durft het niet te hopen.
Ik voelde me al zo raar
toen jij naast mij kwam lopen.
Je merkt het aan elkaar.

in “Een zucht en een zoen”, uit “Mijn hoofd in de wolken”, 1994

Advertisements
This entry was posted in Poetry. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s